Verslag
avondwandeling omgeving Ransdaal op 4 mei 2004
De weersvooruitzichten voor deze avond zijn minder gunstig,
men verwacht regen. Toch hebben zich rond de klok van zeven
een groot aantal
IVN’ers, voorzien van regenjack of paraplu, voor het
clubhuis in Ransdaal verzameld.
Onder aanvoering van onze gidsen voor deze avond, Pierre Grooten
en Wiel Curfs, gaan we tussen de hoeven en huizen van Ransdaal door
naar het groen.
Direct na het spoorviaduct worden we door Pierre gewezen op
de verschillende wilde planten in de spoorberm.
Kleine bloemblaadjes die nog gevlekt zijn ook, vereisen een
leesbril, maar door Pierre worden ze feilloos opgemerkt en
blijken vele planten
geen geheimen voor hem te hebben.
Hij weet ons steeds weer te wijzen op speciale bloeiwijzen,
piepkleine blaadjes, kelkjes meeldraden en andere voor mij
onbekende details.
Binnen
de kortste keren zien we look zonder look, door een van onze tochtgenoten ‘ui zonder gat’ genoemd,
stinkende gouwe, ruige papaver en netels in diverse kleuren
en uitvoeringen.
Ik zal geen opsomming maken van alle planten die in de omgeving van
Ransdaal te zien zijn, omdat ik ze niet heb genoteerd en de kans
groot is dat ik dwarskruipende muur, linksdraaiend gestreept hoefblad
of harige bovenwindse look door elkaar ga halen.
Er is dus nog veel
te leren.
Ook Wiel laat zich niet onbetuigd, hij deelt zijn grote kennis graag
met ons; soms overleggen onze twee deskundigen als planten sterk
op elkaar lijken.
Voor het precies duiden van sommige planten is
het nodig het bijbehorend zaad te zien om een definitief oordeel
te kunnen vellen. We zullen hiervoor op een later tijdstip moeten
terugkomen (gezien de mooie omgeving geen straf!).
Naast de vele planten zagen we in het veld een buizerd met prooi
en Bert maakte ons attent op een zwartkop, een vlaamse gaai een paar
torenvalken en boerenzwaluwen, die laag over het land scheerden.
De wandeling gaat richting Schin Op Geul en al lopende blijken mijn
tochtgenoten een brede kennis te bezitten op het gebied van planten,
vogels, wilde dieren, hoeven en hun bewoners en de geschiedenis van
het land.Ik ben blij dat ik koeien in de
wei zie waaronder aaibaar jongvee, dat veelal afwachtend op afstand
blijft, zodat
aaien niet lukt.
Sommige koeien lopen zelfs een stukje met ons mee – aan de andere kant
van het prikkeldraad – en een enkele steekt de tong naar
ons uit. Zo te zien is dit goed bedoeld, maar naast plantenleek
ben ik
tevens geen koeienconnaisseur.
Wat een mooie uitzichten hebben we hier, zo dicht in de omgeving
van ‘ons home’!
Als vast punt is de kenmerkende kerktoren van Ransdaal te zien,
prachtige verschillend gekleurde stukken land, nog steeds heel
mooi ondanks
de ‘verkaling’ als gevolg van ruilverkaveling en aan
de andere kant de altijd besneeuwde helling van de skiberg te Landgraaf,
aan het oog onttrokken door een overkapping, maar toch….
Na de verharde wegen gaan we onverharde paden op, die soms zo smal
zijn dat we onze voeten voor elkaar moeten plaatsen als een mannequin
op de catwalk en we in de ganzenpas verder moeten.
De lucht is nog steeds dreigend en inmiddels zijn de kerkklokken
gaan luiden als aankondiging voor de dodenherdenking. Tezamen met
het uitzicht over de Limburgse heuvels richting Schin op Geul en
Valkenburg geeft het aan deze avondwandeling een speciale sfeer.
Afdalend komen we langs hoeven en huizen met soms kleurige tuinen
en op een enkele plek is nog het vroeger veel voorkomende Limburgse
landschap te zien: een oude hoeve met bakhuis, een huiswei en lage
heggen; wat moet dat mooi en idyllisch geweest zijn!
Onderwijl krijg ik uitleg hoe het vroeger gesteld was met de wildstand
in dit gebied en verhalen over vroegere en huidige bewoners van opvallende
huizen en hoeven. Mijn medewandelaars kennen de omgeving op hun duimpje.
We passeren een zo goed als dood uitziende eik, die volgens wetenschappelijk
onderzoek hier al 360 of 380 jaar blijkt te staan. Mogelijk de oudste
boom van Zuid-Limburg.
Mij wordt verteld, dat een van onze leden in zijn jonge jaren deze
boom nog in volle glorie heeft gezien. Inmiddels
zijn we Walem gepasseerd en komen we op het kruispunt met de wegwijzer
met de ouderwetse handjes.
Op een hoek vinden
we hier een hoeve met een geïllustreerde spreuk op de
gevel en op de andere hoek bevindt zich een oud wegkruis.
We
gaan vanhier
weer terug richting Ransdaal.
Ondanks de donkere wolken houden we het, op wat onbetekenende spatjes
na, droog tot aan het IVN-home.
Weer de moeite waard om deze avond niet voor de TV te zitten, maar
met enthousiaste mensen te wandelen.
Helaas moeten onze gidsen van deze avond een dankwoord
van Jef missen, dus bij deze nog mijn (ik denk ‘onze’)
dank aan Pierre en Wiel.