IVN-district
Limburg

     
    Contact-info
                                  
 Afdeling Voerendaal

Info
Activiteiten
Basisscholen
Verslagen
Plantenwerkgroep
Natuurkroegentocht
cursus
Natuurfotografie

 

 


 

 

 

Uilen bij IVN Voerendaal

Hebt u ook de wervende tekst van de elektronische mail gelezen?

Benieuwd waarom de uil bij het vallen van de nacht niet in de olmen zat, ben ik op dinsdag avond 6 januari 2004 naar het IVN lokaal getrokken.
Jef weet ons altijd weer te trekken met pakkende teksten.

Volgens het elektronisch schrijven zouden we voor de pauze antwoord krijgen op vele vragen, zoals: “ wie kan er iets over een uil vertellen?”
Nou duidelijk, onze natuurgids Wiel natuurlijk.

Op deze avond veel geleerd, zoals welke uilen er zo voorkomen.
Ik zal ze nog even noemen:

· Oehoe
Dit is de grootste uil in Nederland en heet zo omdat zijn roep “oe-hoe” is.
Een heel erg sterk argument vind ik dit niet omdat meerdere uilen een “hoe-hoe-hoe “ of “hoe-oe-oe” roep hebben
terwijl die uilen toch een andere naam hebben.

· Dwerguil
Van deze uil is de naam duidelijk, het is de kleinste uil en roept volgens het boekje “doe”, dat zou in
Noord-Holland “doei” kunnen zijn.

· Bosuil
Een duidelijke naam, deze uil komt in het bos voor.
Volgens het boekje is dit een “standvogel” zoals bijna alle uilen. Logisch, volgens mij staan alle uilen: ik heb nog geen liggende gezien.

· Steenuil
Dit lijkt mij een Limburgse vogel, dat heeft te maken met de steenbergen die zo kenmerkend zijn voor de mijnstreek.

· Kerkuil
Hiervan lijkt de naam duidelijker dan het is. Om met ‘Den Uil’ te spreken: enerzijds komt hij voor in kerktorens anderzijds kan hij uit Kerkrade komen.

En tenslotte de
· Ransuil
Mijn favoriete uil, deze komt duidelijk uit Ransdaal.

Hebt u ook met zoveel plezier naar het filmpje gekeken? Wat kunnen die jonge ransuilen koddig uit hun ogen kijken en leuk knipogen. Het lijkt wel of ze alleen een bovenooglid hebben dat als een markies over hun oog naar beneden wordt gelaten. Zal wel met het plaatsgebrek in hun kop te maken hebben, er is ook geen plaats voor oogspieren, zodat ze hun ogen niet kunnen draaien en daarom hun kop
bijna geheel rond moeten draaien.
Maar meestal kijken ze keurig recht in de lens, zonder dat de fotograaf “kijk eens naar het vogeltje” hoeft te zeggen.

Hun belangstelling gaat trouwens meer uit naar muizen, daar lusten ze er heel wat van.
Weet iemand voor mij een leen-uil of lease-uil, want af en toe wordt mijn tuinhuisje bezocht door een muis.

 

Uilenballen.

Na de pauze mochten we onder aanmoediging van Wiel uilenballen uit elkaar pluizen.
We konden kiezen uit verse of voorgebakken exemplaren.
Nou uit zo’n bal komen veel muizenonderdelen en dan blijken uilen diverse soorten muizen te eten.
Ik vond een schedel van een spitsmuis, een veldmuis en een draculamuis.
Deze laatste heeft tanden met rode punten, door Wiel geconstateerd met behulp van een vergrootglas.

Waarom een uil zou knappen is niet zo duidelijk, want als het teveel rommel wordt in zijn maag, spuugt hij de ballen er zo uit.

Jammer dat we uilen zo weinig zien, maar dat ligt misschien aan het geringe aantal olmen.

Ed Klinkhamer

 

 

 

 

IVN Limburg                                                                                           colofon

View My Stats